Hoe betrouwbaar zijn de cijfers?

Dagelijks worden we om de oren geslaan met cijfers en statistieken.  Verontrustende cijfers, over infecties en overlijdens.  Maar hoe betrouwbaar zijn deze cijfers?

In ieder geval zijn ze niet zo absoluut als men op het eerste gezicht zou denken. Er gebeuren tal van vergissingen bij het optellen van de totalen, in beide richtingen.

Vooreerst worden er tal van overlijdens genoteerd als covid-overlijdens terwijl de overleden persoon niet getest is op de infectie.  Bij gebrek aan tests wordt vaak uitgegaan van een veronderstelling, eerder dan van een vaststelling.  Bij alle overlijdens in een woonzorgcentrum bijvoorbeeld wordt er momenteel van uitgegaan dat die covid-gerelateerd zijn, terwijl dit niet zo is.  Altijd sterven er mensen in die centra, in de winter nog meer dan anders.  Dit kan zijn omwille van redenen die niets met een infectie te maken hebben.  Hart- of longproblemen bijvoorbeeld, of kanker enz. 

Wanneer iemand aan een infectie overlijdt wordt die infectie niet noodzakelijk door covid-19 veroorzaakt.  Naast covid-19 doen ook nog andere griepvirussen de ronde, en uiteraard zijn er daarbuiten nog tal van infecties die tot ernstige complicaties en overlijden kunnen zorgen.

Bovendien sterven een deel van de besmette personen mét het virus, maar niet door het virus.  Toch komen die allemaal in de statistieken terecht wat het aantal zogezegde covid-overlijdens onterecht opdrijft.

Hoe zeer Sciensano probeert accurate cijfers te geven, toch blijkt dat er flink wat verwarring en overlapping geweest is tussen cijfers uit ziekenhuizen en cijfers uit rust- en verzorgingstehuizen.

Indien men alle overlijdens zou weergeven met uitsluiting van personen die met zekerheid omwille van een covid-infectie overleden zijn, dan zou blijken dat er nog steeds een behoorlijk sterftecijfer zou overblijven.  Onterecht wordt nu gesuggereerd dat quasi elk overlijden te maken heeft met de aan gang zijnde epidemie.