Immuniteit na Covid-19 infecties

Virologen opperen dat de immuniteit na het doormaken van een Covid-19 infectie zeer beperkt is, en dat daarom ook mensen die de infectie hebben doorgemaakt zich beter laten inenten.  De kapitale fout in hun denken is dat ze enkel uitgaan van de aanwezigheid van antistoffen na infectie.  Antistoffen maken slechts een beperkt deel uit van het immuunsysteem, namelijk het “adaptieve” systeem.  Antistoffen helpen eigenlijk vooral de andere arm van het immuunsysteem, het aangeboren immuunsysteem, ook wel de cellulaire immuniteit genoemd.  Dit is het belangrijkste deel van ons immuunsysteem met een heel stel gespecialiseerde cellen en eiwitten die meteen aan de slag gaan bij een infectie, lang voordat de eerste antistoffen te bespeuren vallen.  Eigenlijk zijn antistoffen maar helpers die zich aan de indringer hechten en hem daardoor meer herkenbaar maken voor de cellen van het aangeboren immuunsysteem.  Vervolgens kunnen die cellen de indringer opeten (fagocyteren), vernietigen (lysis) en afvoeren.

Wanneer het immuunsysteem gezond is heeft het aangeboren systeem nauwelijks behoefte aan een tussenkomst van de antistoffen.  Ze klaren de job voor de tweede arm van het immuunsysteem goed en wel in actie treedt.  Bij deze optimale reactie zal je nadien dus weinig antistoffen terugvinden, net omdat het immuunsysteem goed gewerkt heeft.  

Deze snelle reactie is ook de reden waarom zo veel besmette personen zich nooit ziek gevoeld hebben.  Hun immuunsysteem heeft de infectie reeds overwonnen nog voor ze echt symptomen konden ontwikkelen.

Beide systemen beschikken over geheugencellen die het mogelijk maken om bij een hernieuwde infectie supersnel in actie te komen en de infectie in de kiem te smoren.  Men kan dus met weinig of geen antistoffen perfect immuun zijn voor een bepaalde indringer.  Wanneer wetenschappers nu onze antistoffen tegen Covid-19 beschouwen als de enige parameter voor onze immuniteit dan zien ze dit elementair gegeven compleet over het hoofd.  Handig natuurlijk als je de bevolking wil voorbereiden op een vaccinatiecampagne, maar totaal onwetenschappelijk.

Hoe lang blijft het immunitair geheugen bestaan na een corona-infectie?  Lang, heel lang.  Tenminste wat de cellulaire immuniteit betreft.  Antistoffen verdwijnen binnen de 2 à 3 jaar, maar het cellulair geheugen blijft veel langer.  Nina Le Bert en medewerkers (Singapore) toonden aan dat mensen die in 2003 SARS hadden doorgemaakt (een soortgelijke corona-infectie) in 2020 nog altijd beschikken over een cellulair immuungeheugen tegen CoV-1, het toenmalige coronavirus.  Hoogst waarschijnlijk mogen we dus hetzelfde verwachten na het doormaken van Covid-19, al is de tijd te kort om dit nu reeds te bewijzen.  Nog beter nieuws is dat belangrijke delen van het coronavirus die herkend worden door het immuunsysteem die gemeenschappelijk zijn aan zowel het vroegere CoV-1 virus als aan het huidige CoV-2 virus, en wel voor 99 à 100%.  Met andere woorden: de bescherming die besmette mensen 17 jaar geleden opbouwden beschermt hen ook nu nog tegen een infectie met SARS-CoV-2.  Dit noemt men kruisbescherming.  Beter nog: de onderzoekers merkten dat de helft van de personen die noch SARS noch Covid-19 hadden doorgemaakt ook een cellulaire immuniteit ontwikkeld hadden tegen het virus, blijkbaar door het doormaken van een griep veroorzaakt door een van de vier de coronavirussen die elk jaar opnieuw aanwezig zijn bij de klassieke wintergriep.  Als kers op de taart ontdekten de onderzoekers een kruis-immuniteit met coronavirussen die niet bij de mens bekend zijn, dus waarschijnlijk van dierlijke oorsprong.  Kortom, al wat coronavirus is en waar dan ook rondzwermt bij mens of dier helpt ons immuniteit op te bouwen tegen het hele gamma van coronavirussen.

Dit brengt ons ook naadloos bij het principe van groepsimmuniteit.  Hoe meer mensen een corona-infectie oplopen, hoe groter het aandeel van de bevolking dat over een robuuste en langdurige immuniteit beschikt tegen corona-infecties.  Dit is belangrijk om twee redenen.  Ten eerste vormen deze immune personen een soort muur rondom de zwakkeren in onze samenleving en houden zij de verspreiding van het virus tegen.  Ten tweede zijn ze beschermd tegen de coronavirussen die elke winter opnieuw deel uitmaken van de griepvirussen die ons overspoelen. Hoe dan ook tonen deze feiten aan dat een brede en langdurige immuniteit tegen SARS-CoV-2 onder de bevolking mogelijk is zonder vaccinatie.  De stelling dat enkel een veralgemeende vaccinatiecampagne ons uiteindelijk van het virus af kan helpen is dus pure propaganda die volledig wordt tegengesproken door de wetenschappelijke bevindingen.

Hoofdzaak bij eender welke infectie is dus het aangeboren, cellulaire immuunsysteem goed op peil te houden.  Daarvoor heb je geen medicijnen nodig.  Je eigen levensstijl is dé sleutel tot een goed werkend afweersysteem.  Gezonde voeding, voldoende rust en ontspanning, en alles wat bijdraagt tot je emotioneel evenwicht, dat zijn de factoren die bepalen of je afweer goed werkt of niet.  Het tegendeel dus van te hard werken, stress, angst, te veel en/of ongezond eten, …  Het plaatje is wellicht duidelijk genoeg en hoeft hier geen details.

Voor meer inzicht in het immuunsysteem: lees het boek “Vaccinaties en het immuunsysteem” van dr. Gaublomme.  Bestelbaar bij onze vzw (10€ + 3€ verzendingskosten) na overschrijving op rek. nr. BE07 7755 9516 7466. 

Ook boeiend is het gratis e-book van dr. Palmer.