Vaccinatietwijfels: de WHO verandert haar communicatiestrategie

Tijdens de slotlezing ‘Vaccinatieveiligheid en nieuwe manieren om vertrouwen te scheppen' gaf prof. Heidi Larson, directeur van het Vaccine Confidence Project, een briljante demonstratie van de prestigieuze kunst van het herbenoemen van dingen.

Om de aarzeling tegenover vaccins te bestrijden verklaarde de WHO vorig jaar officieel dat het een van de grootste bedreigingen was voor de menselijke gezondheid. Dit veroorzaakte een golf van censuur om de kritiek op vaccins uit sociale netwerken te bannen, evenals een ongekende heksenjacht in reguliere media. Maar is het echt een verrassing dat die draconische maatregelen er niet in slaagden het vertrouwen in vaccins te vergroten? De acceptatiepercentages blijven snel dalen en veel eerstelijnsgezondheidszorgverleners stellen nu ook vragen over de veiligheid en werkzaamheid van vaccins.

Een recente studie toonde aan dat mensen die aan vaccins twijfelden 5 keer meer kans hadden om zich aan te sluiten bij 'anti-vaccinatie groepen' dan bij 'pro-vaccinatie’ groepen. Volgens prof. Larson kon het succes van deze antivaccinebewegingen alleen worden verklaard door het feit dat 'ze een beroep doen op de emotionele aspecten van de kwestie ... Ze vertellen de moeders wat ze willen horen ... Ze zeggen: we luisteren naar u, wij geven om u '. (Heeft dit niets te maken met het niet verstrekken van solide wetenschapepppelijke informatie over veiligheid?).

Het lijkt er dus tenslotte op dat empathie, luisteren, en persoonlijke gesprekken de krachtigste manier zijn om vertrouwen op te bouwen. En een extra laag 'vertrouwen opbouwen' is toegevoegd aan de vaccinatie-communicatiestrategie om de lasterlijke berichten die worden verzonden aan mensen die vragen durven stellen te compenseren "We moeten stoppen met het gebruik van vijandig taalgebruik en termen zoals “anti-vaccinatie”. We moeten het gesprek aangaan, hoe “gek, stupide en onwetend de vragen ook mogen lijken”.

Dit is echt verbazend.  Vorig jaar steunde Heidi Larson nog de visie van Adam Schiff, de promotor van de censuur-politiek op sociale media, voor wie anti-vaccinatiegroepen “in de ploeg spelen van haat-misdaden”. Kunnen we dan inspanningen vaststellen om een open gesprek te beginnen en te veranderen van “crimineel” naar “stom”?  Of is het omdat censuur niet populair noch praktisch is?  Zoals Larson terecht opmerkt: “ Het is moeilijk om desinformatie tegen te gaan want veel van de feiten die ze weergeven zijn correct”.

Er is geen twijfel aan dat die censuur zal standhouden, maar met andere methoden.  Een alternatief is dan om het eens te zijn over de feiten maar de perceptie van wat ze eigenlijk zijn te vervormen.  Ze van etiket te veranderen.

Eerst vermeldde Larson een paar crisissen rond vaccins, zoals de foute vaccins die in China een ander etiket kregen en dan verkocht werden, de fake vaccins in Indonesië, of de Dengvaxia crisis op de Filipijnen, en dan klaagde ze dat de mensen hun vertrouwen verloren, niet alleen in het product, maar ook in de productie ervan en de systemen om de vaccins aan de man te brengen. Het was interessant te zien hoe ze de manier vergeleek waarop de Dengvaxia crisis aangepakt werd in de Filipijnen of in Brazilië, wat inhield dat de overheid in Brazilië beter gereageerd had.  Daar had men het vaccin meteen een andere naam gegeven, en de gezondheidswerkers werden er beter getraind”!!!

Echt waar? Wat een dubbelzinnige boodschap! Een vaccin dat teruggetrokken werd van de markt omwille van gebrek aan veiligheid en efficiëntie een andere naam geven is de juiste aanpak, want die ‘beschermt het programma’. (Is dit een déjà-vu van het foute Canadese BMR-vaccin?).  We mogen aannemen dat dit ‘transparantie’ is op zijn best, alles voor de goede zaak.

 

Deze tekst is ontleend aan de EFVV nieuwbrief, januari 2020.  U kan zich abonneren op deze nieuwsbrief door uw gegevens mee te delen aan info@efvv.eu