Vitamine A bij mazelen

Mazelen is een normale kinderziekte.  Het doormaken ervan is de enige manier om levenslang immuun te zijn.  Toch wordt er een schrikbeeld opgehangen over de ziekte met de bedoeling angst in te boezemen.  In ontwikkelingslanden gaat de ziekte soms gepaard met ernstige verwikkelingen zoals longontsteking, blindheid, zelfs overlijden.  Vaccinatie wordt voorgesteld als de enige manier zijn om die risico’s ervan in te dijken.  Nochtans bestaan er eenvoudige en goedkope manieren om de verwikkelingen van mazelen te voorkomen.

Het risico op complicaties blijkt nauw verbonden met de voedingstoestand van het kind.  Ondervoeding leidt tot een hoger sterftecijfer en ernstiger complicaties.  Dit lost men niet op door te vaccineren.

Een eerste gouden tip: nooit de koorts te zeer onderdrukken bij mazelen.  Koorts is essentieel om het immuunsysteem toe te laten op efficiënte manier de infectie te bestrijden.  Koortswerende middelen kunnen dit verdedigingsmechanisme tegenwerken en zodoende de risico’s vergroten.  Het kind slechts heel licht aankleden, geregeld afsponsen en lauwe badjes volstaan om de koorts binnen de perken te houden.

Maar er is een ander, goedkoop en eenvoudig middel om de risico’s van mazelen te beheersen: vitamine A.  

De eerste studie die de aandacht vestigde op dit goedkope alternatief gaat terug tot 1932.  Ellison beschreef hoe bij Britse kinderen met mazelen die behandeld werden met vitamine A- en D-supplementen het sterftecijfer slechts half zo hoog lag als bij de anderen.

Scrimshaw beschreef in 1966 hoe kinderen die een eiwitrijk groentenextract, wellicht rijk aan vitamine A, toegediend kregen betere overlevingskansen hadden bij mazelen.

Ondanks dit schitterende resultaat was het daarna wachten tot 1984 eer een nieuwe publicatie verscheen.  Sommer beschreef toen hoe kinderen met vitamine A tekorten vier maal meer risico liepen op overlijden, en drie keer meer op luchtweginfecties en diarree.  Twee jaar later bevestigde hij dat vitamine A het risico op overlijden bij kinderen voor schoolleeftijd met 34% verminderde.

Barclay in Tanzania stelde vast dat ook daar vitamine A het aantal doden bij mazelen met de helft terugdrong: 7% met vitamine A tegenover 13% zonder.  De daling was onafhankelijk van de voedingstoestand van het kind.  Het resultaat was het meest opvallend bij kinderen van minder dan twee jaar oud (1/46 overlijdens met vit A tegenover 7/42 zonder), en bij hen bij wie de ziekte gecompliceerd werd door kroep of bronchitis.  Geen enkel kind met zware bronchitis stierf onder vitamine A behandeling, tegen vier die niet behandeld waren.

Nog een paar jaar later, in 1990, stelden Hussey en Klein in een dubbelblind gerandomiseerde studie op 189 kinderen met felle mazelen vast dat de kinderen die vitamine A (400.000 IU) gekregen hadden sneller herstelden van longontsteking en diarree, minder vaak kroep hadden, en minder lang in het ziekenhuis verbleven dan de kinderen uit de placebogroep.  Van de 12 kinderen die overleden hadden er 10 geen vitamine A gekregen.  Het voordeel van de toediening van vitamine A kan deels toegeschreven worden aan de lage concentraties van dit vitamine die bij Tanzaniaanse en Zuid-Afrikaanse kinderen aanwezig was, hoewel dit klinisch niet opviel.

Hetzelfde werd vastgesteld in Zaïre: Markowitz merkte hoe kinderen met ernstige mazelen lage bloedconcentraties aan vitamine A bleken te hebben.

Ook in 1990 meende Vijayaraghavan in India dat vitamine A toediening geen invloed had op de ziektegraad of overlijden van de patiënten.  Hij stond echter alleen met deze conclusies.  McLaren vermoedt dat het verschil in vitamine A-niveau op het moment van toediening het verschil in de observaties zou kunnen verklaren.

Rahmathullah deed ook eenzelfde onderzoek in Zuid-India, en stelde een daling vast van het sterftecijfer van niet minder dan 54% na toediening van vitamine A (8.333 IU).  Het effect was het meest spectaculair bij kinderen van minder dan 3 jaar oud, of die chronisch ondervoed waren.  Het effect van vitamine A + E was veel groter dan dat van vitamine E alleen wat aan de controlegroep toegediend werd.

Chan schreef in 1990 een samenvatting van de reeds gepubliceerde artikels, en besloot eveneens dat vitamine A een “goedkope en efficiënte manier is om overlijden en complicaties te voorkomen bij kinderen met mazelen”.  Hij verwijst daarbij naar verschillende rapporten.

West bekeek het effect van vitamine A op de afloop van mazelen in Nepal.  De behandelde kinderen kregen om de 4 maanden 60.000 eenheden retinol.  Hij stelde er een daling vast van 30% qua sterftecijfer, los van de voedingstoestand van de kinderen, voor beide geslachten, op alle leeftijden, en het hele jaar door. 

Waarom is vitamine A zo belangrijk?

Blijkbaar verbruikt de verdedigingsreactie tegen mazelen grote hoeveelheden vitamine A.  Daarom kan de ziekte op zich aanleiding geven tot een tekort aan dit vitamine, zeker wanneer de reserves reeds beperkt of onvoldoende waren.  Een gevolg kan dan zijn dat er een acuut tekort ontstaat, waarbij aantasting van het hoornvlies en blindheid kan optreden.  Dit werd bijvoorbeeld aangetoond in Indonesië.  Kinderen met oogaantasting (xeroftamie) hadden extreem lage waarden voor vitamine A in het bloed.  Vitamine A waarden bij goed gevoede kinderen met mazelen bleken zelfs lager te liggen dan bij ondervoede kinderen zonder mazelen wat wijst op een sterk verbruik van het vitamine tijdens de infectie.  Om die reden raadt zelfs de WGO aan om hoge dosis vitamine A toe te dienen aan kinderen met mazelen in landen waar het sterftecijfer gelijk is aan, of hoger ligt dan 1%.  Als dit vitamine zo belangrijk is in extreme gevallen, waarom het dan niet routinematig toedienen bij alle personen met mazelen?  Later werd dit advies nog uitgebreid tot alle kinderen in ontwikkelingslanden tussen 6 en 12 maanden. 

Vitamine A blijkt essentieel voor de gezondheid van onze slijmvliezen, waar ook in het lichaam.  Wanneer er een tekort is aan vitamine A degenereren de slijmvliezen met een verlaagde graad van hernieuwing van de cellen.  Mazelen is een aandoening die precies deze slijmvliezen aantast, vandaar het belang van vitamine A. Wanneer de slijmvliezen aangetast zijn door vitamine A-tekorten leidt dit tot verdere verwikkelingen, zoals luchtweg- en darminfecties, hoornvliesontsteking enz.  Wanneer deze infecties ernstig zijn kunnen ze zelfs leiden tot het overlijden van de patiënt.  De hele ketting van mazelen-infectie tot overlijden komt dus neer op een tekort aan, in eerste instantie, vitamine A.  Ook andere vitamines, vooral C en D, kunnen overigens invloed hebben op de efficiënte werking van het immuunsysteem.

Het feit dat vitamine A zo efficiënt is tegen de complicaties van mazelen is van bijzonder belang voor armere landen.  Daar biedt dit vitamine, dat vaak lokaal voorhanden is, een levensbelangrijk alternatief voor dure en minder efficiënte vaccinatiecampagnes.  Zo schrijft Dick dat in West Afrika, met name in Ghana, rode palmolie een bijzonder belangrijke bron is van vitamine A onder vorm van caroteen.  Deze vorm van vitamine A is in die streken dus bijzonder makkelijk te verkrijgen en goedkoop.  Hij stipt zelfs aan dat Yourba moeders een koffielepel rode palmolie geven aan hun kinderen wanneer die koorts maken.

Ooit maakte men zich zorgen dat toediening van vitamine A bij vaccinatie zou leiden tot lagere antistofvorming.  Dit blijkt niet het geval.  Integendeel, bij kinderen in Guinee-bissau die het mazelenvaccin eenmalig toegediend kregen op 9 maanden lagen de antistoffen op 18 maanden hoger bij wie extra vitramine A gekregen had (100.000 IU) dan bij de anderen.  Op 6 à 8 jaar waren er bij de kinderen die vitamine A toegediend gekregen hadden bij vaccinatie meer die voldoende antistoffen hadden; en bij al wie voldoende antistoffen had lag de spiegel hoger bij de groep die vitamine A gekregen hadden.  Alweer een bewijs van de gunstige invloed van de vitamine.

Mazelen en voedingstoestand

Of mazelen voor verwikkelingen zorgen of niet blijkt alles te maken te hebben met de voedingstoestand van de patiënt.

In negatieve zin blijkt ondervoeding een belangrijke risicofactor voor complicaties.  Barclay stelde een veel hoger sterftecijfer vast bij ondervoede patiëntjes.Tekort aan voedsel brengt uiteraard ook een tekort aan levensnoodzakelijke vitamines mee.  Maar niet alleen de hoeveelheid voedsel is belangrijk, ook slechte voedselkwaliteit leidt tot problemen.  Junk food en grote hoeveelheden suikers zullen de immuniteit aantasten.  Men kan dus overgewicht hebben en toch “ondervoed” zijn.  

Positief bekeken kunnen een evenwichtig voedingspatroon en toediening van extra vitaminesupplementen een wereld van verschil maken.  Dit feit wordt veel te weinig benadrukt wanneer het over de risico’s van mazelen gaat.  De hele discussie reduceren tot de vaccinatietoestand van de patiënt is een grove vertekening van de realiteit.  De hamvraag is dus niet of iemand mazelen krijgt of niet, maar wat zijn toestand is wanneer hij/zij met mazelen besmet wordt.  Dit geldt uiteraard ook voor alle andere infectieziekten, wat de kwestie nog belangrijker maakt.

Cruciaal is dat we de nodige vitamines in eerste instantie uit onze voeding kunnen halen, en slechts in bijzondere omstandigheden als supplementen moeten bijnemen, namelijk als de nood er aan sterk verhoogd is.  Dit is bijzonder belangrijk in ontwikkelingslanden, zoals hierboven vermeld, waar commerciële supplementen niet voor het grijpen liggen.  Over het algemeen beschikken alle volkeren over producten die hen de nodige hoeveelheden vitamine A kunnen bezorgen.  Ook Rahmathullah wijst er op dat de nodige vitamine A uit de voeding kan gehaald worden.

Dit feit verschuift in feite de hele discussie van het medisch vlak naar het nutritionele.  Wie gezond eet maakt zijn dokter arm.  Uiteraard zijn er ook hier grenzen, en zal de geneeskunde altijd nodig blijven, maar het is kwestie van de balans zo veel mogelijk naar de preventieve pool, voeding dus, op te schuiven.

Een niet te verwaarlozen bron van vitamine A bij zuigelingen is trouwens borstvoeding.  Ook via die weg kunnen baby’s aan de nodige vitamine A komen en dus beschermd worden tegen complicaties van mazelen.

 

Meer gedetailleerde informatie en wetenschappelijke referenties hierover vindt u op de Jumbo pagina’s.  Hiervoor moet u (gratis) inloggen.